a u t o b i o l o g i e 

Autobioloog zijn in de zin van het bestuderen van het 
eigen fysieke zelf. Dit heb ik vrij letterlijk genomen in 
‘de encyclopedie van mijn lichaam’, een boekenserie 
waar ik sinds 2000 aan werk (zie boeken). Het steeds 
opnieuw in kaart brengen van mijn lichaam en
registreren van mijn bestaan.
Maar autobiologie gaat ook over het gebiologeerd 
zijn, een enorme fascinatie voor iets hebben. En in dit 
geval voor die processen in je lijf, die automatisch 
gebeuren. Los van kunnen of willen. Een stukje 
natuur zijn.
     
Zo verwijzen de bronzen beelden over deze lichaams-
processen vaak ook naar de wereld er buiten door het 
plantenmateriaal waarmee ze zijn opgebouwd. 
Door analoge processen te laten zien wordt juist bena-
drukt dat ook wij een onderdeel zijn van de natuur en 
volgens dezelfde wetten groeien en functioneren.
Ook de keramische vormen zijn vaak meerduidig; 
menselijk en plantaardig, landschap en detail tegelijk.
     
Autobiologie is voor mij ook een statement tegen het 
hedendaagse heilig geloof in de maakbaarheid van 
alles, inclusief het eigen lichaam. Het ideale beeld 
waaraan men moet voldoen. 
Autobiologie is je niet laten verleiden door de groep. 
Overgave aan zijn is geen passieve houding, maar 
vraagt juist om een duidelijke keuze, waarbij je je 
eigenheid bewaakt. De rijkdom van het onvolmaakte.
Het steeds in verwante, maar unieke vorm verschijnen 
van leven.                                           
teja, april 2008


'takken van het hart' keramiek, 60 x 50 x 200 cm.